Geen categorie

Mijn syndicaal testament

65 jaar worden, betekent het officiële einde van mijn loopbaan. Vanaf 1 december ben ik dan ook pensoengerechtigd. Tijd om een belans op te maken van een loopbaan die in 1970 startte en vanaf 1975 ook een syndicale wending kreeg. Veel leesplezier

Het was om familiale redenen geen evidentie dat ik zou verder studeren. Dus nam ik, in augustus 1970 de schoofzak en startte, als 15-jarige- in de peperkoekfabriek Van Deun-Poppeliers in Turnhout, om twee maanden later bij Philips in Turnhout te beginnen.
Na een onderbreking omwille van legerdienst (73/74) kwam ik van de afdeling ‘Volt in de lichtgroep, meer bepaald in de autolampen terecht. Een jaar later was ik kandidaat op de ACV-lijst bij de sociale verkiezingen waarbij ik met glans werd verkozen in de ondernemingsraad. Tegelijk werd ik ook aangeduid als syndicaal afgevaardigde. En zo was mijn syndicale loopbaan begonnen. 4 jaar later in 1979 stond ik zelfs als tweede op de ACV-lijst en alweer met veel stemmen verkozen.
In 1980 werd ik dan gevraagd deel te nemen aan een examen voor gewestelijk propagandist bij het ACV, waar ik op 15 oktober ’80 in dienst kwam. Aanvankelijk als propagandist in Arendonk en Retie, maar dat werkterrein van dienstverlening en opvolgen van plaatselijke ACV afdelingen werd al snel uitgebreid naar Turnhout, Oud-Turnhout en Ravels.

Lokaal syndicaal

Ik vond het erg belangrijk om de lokale ACV-werking ook zoveel als mogelijk te verankeren in het maatschappelijk leven. Voor Turnhout betekende dat toch wel wat extra inzet en aanwezigheid in het middenveld. Zo lag ik mee aan de basis van het lokaal integratiecentrum WELKOM in Turnhout. Na de verhuis ervan van de De Merodelei naar de Otterstraat was ik zelfs vele jaren afgevaardigd bestuurder.
Ik was ook de eerste voorzitter van het Centrum voor basiseducatie Noorderkempen (vroegere albabetiseringswerk) en kon zo meewerken om van  een aanvankelijke erkenning van 6000 uren/jaarbasis naar een erkenning van 18.000 uur/jaarbasis te gaan.
De problematiek van de kansarmoede lag me ook zeer nauw aan het hart. Medestander zijn van mensen met een hart en/of organisaties waar armen het woord nemen. Pleitbezorger zijn bij de lokale overheid voor deze mensen en hun problematieken. Deelnemen aan het overleg mèt die overheid over de besteding van de extra middelen die Vlaanderen vrijmaakte om armoede te bestrijden…De laatste jaren werd één en ander samengebracht onder de noemer ’t Antwoord.
In 1990 was ik ook de karretrekker om in Turnhout een multi-culturele-Kerstmarkt te organiseren. Samen met talrijke vrijwilligers zetten we op die wijze zowel de 3e als de 4e wereldproblematiek in de belangstelling. Gedurende 10 jaar lokten we zo jaarlijks vele duizenden bezoekers – tussen de 7.500 en 10.000 bezoekers-  naar deze manifestatie. Vandaag zouden we dergelijke activiteit zeker onder de noemer werken aan armoede en integratie plaatsen…
Ook inzake arbeidsmarktbeleid liet ik me niet onbetuigd. Ik werd lid van het STC, later het serr-resoc waar we samen met VDAB en werkgevers overleg pleegden over de arbeidsmarkt. Ook in deze ging mijn aandacht vooral naar de mensen die het erg moeilijk hadden om terug aan te klampen op de arbeidsmarkt (toen ook al…) De ene keer werden ze de risicogroepen genoemd, de andere keer waren het de kansengroepen. Meerdere jaren was ik zelfs voorzitter van de desbetreffende werkgroep binnen de serr.
In 1991/1992 zette ik de actie veilig fietsen in Turnhout op -ja, toen al- waar ik in een eindrapport pleitte voor het invoeren van zone 30 in meerdere centrumstraten (ook toen al)
Deze opsomming is erg onvolledig, maar de essentie is dat ik dit alles deed met veel entoesiasme, dat ik ook zoveel mogelijk trachtte over te brengen op vrijwilligers…tot de veer brak. Op 17 juni 2004 werd bij mijn vrouw de ongeneeslijke spierziekte A.L.S. vastgesteld. Twee jaar later zou ze aan deze ziekte ook overlijden
Wat volgde was een zware emotionele en mentale weerslag, maar toch ben ik snel na het overlijden van Jeeke opnieuw aan de slag gegaan. Zij het wel op een lager pitje bij wijze van spreken. (in een vorige blog kon je lezen welke impact dit had)
Drie jaar later leerde ik mijn huidige vriendin, Rita, (een weduwe) kennen en was er bovendien een wettelijke mogelijkheid om na een loopbaan van 40 jaar op de leeftijd 56 jaar op brugpensioen te gaan. Ik vroeg aan het ACV om mij in opzeg te zetten. Zo bleef ik nog tot 30/9/2011 actief als bijblijfconsulent, om dan op brugpensioen te gaan, na 41 jaar en twee maanden te hebben gewerkt.

 

Om fier op te zijn

Waar ik toch ook wel bijzonder fier op ben, naast alles wat ik reeds vernoemde is
*Gedurende 25 jaar (van 1989 t/m 2014) heb ik het ambt van rechter/raadsheer in sociale zaken mogen vervullen. 15 jaar op de Arbeidsrechtbank in Turnhout en 10 jaar bij het Arbeidshof in Antwerpen. Ik heb er een benoeming als ‘Ridder in de Leopoldsorde’ en als Ere-Raadsheer in sociale zaken bij,het Arbeidshof in Antwerpen aan overgehouden…
*In het academiejaar 2010/2011 werd ik gevraagd als docent aan de Sociale hogeschool van Heverlee. Let op : zonder enig diploma wat mij daartoe toegang kon verschaffen, maar wel op basis van mijn uitgebreide beroepskennis èn praktijkervaring. In dat jaar zou ik lesgeven aan de laatstejaars (Bachelor) maatschappelijk dienstverlening. Thema’s : wet- en regelgeving RVA, VDAB en het RIZIV
*Kartrekker binnen ACV en ACW en ook samen met het buurtcomité, inzake een zinvolle herbestemming van de Kazerne Blairon waar ik vandaag gerust kan stellen dat de door mezelf vooropgestede doelen -wonen, werken, leren en ontspannen in Blairon- werden bereikt

 

*In de crisisjaren 2008 tot uitdiensttreding in 2011 volgde ik op vraag van de beroepscentrales heel wat (her)tewerkstellingscellen op. Zo bij Philips, Daf, Jansen Beerse, Veha, La Corbeille, Superconfex en nog vele anderen. Ook de arrondissmentele cel -bij falingen en sluitingen van bedrijven- volgde ik op. Daardoor was ik in de mogelijkheid om mee de standaarden uit te zetten van wat als een goed en doelgericht outplacment kan worden gezien.

Non-comformistisch van stijl

Als ik mijn eigen opstelling zou moeten benoemen, zou ik mezelf eerder non-conformistisch noemen met een schone term. Maar ik kies eerder voor de uitdrukking klinkt het niet dan botst het maar. Een stijl die je vandaag no altijd kan terugvinden in mijn blogs
Ik stoorde mij niet altijd aan de regeltjes van wie wat moest doen binnen de soms logge organisatie die het ACV toch wel was. Als ik werd geconfronteerd met mensen die een probleem ervaarden, dan wou ik dat vooral ook aanpakken; Eerder dan doorgeefluik te zijn aan iemand die dit zou moeten doen. Mijn verbondsscretaris was daar niet altijd mee gediend…maar de leden die een probleem signaleerden dan weer wel. En daar was het mij om te doen…

Zou ik dit vandaag nog opnieuw doen ?

In de eerste plaats zou ik nu als ongeschoolde arbeider, met enkel een getuigschrift van lager onderwijs, niet meer binnen geraken. Er is nu bovendien een schoolplicht tot 18 jaar. Meestal mikt men nu op een bachelor-diploma.
Ik ben iemand die nog diende onder de ACV voorzitters, Jef Houthuys; Willy Peirens en Luc Cortebeeck. Was ook altijd een ferfent verdediger van het meervoudig lidmaatschap. Mannen lid van ACV en KWB, vrouwen lid van KAV en ook ACV als ze werkten, uiteraard ook aansluiten bij de CM en een bankrekening bij wat toen nog BAC noemde en verzekeren deed je bij De Volksverzekering en uiteraard een coöperatief aandeel voor elk gezinslid bij Arcopar.
Ik was nog maar amper op brugpensioen toen Arco, als gevolg van éénzijdige beleggingen in Dexia, in vereffening werd geplaatst. Weg waren de spaarcenten van mezelf en nog 800.000 andere coöperanten. Maar weg was vooral de geloofwaardigheid van het ACW als grootste middenveldorganisatie. Mijn beeld van die sterke organisatie die enkel maar bekommerd was om het welzijn van duizenden leden, bij CM, bij ACV, bij KWB en KAV enz. …stortte ook ineen, nu bleek dat zij met ons geld louter een gevaarlijke bankier hadden gespeeld. Een naamsverandering, want het ACW was zijn geloofwaardigheid toch wel kwijt, drong zich op maar betekende meteen ook een ruk naar links…

Opschuiven naar (extreem) links

En op 1/1/2012 trad de nieuwe ACV-voozitter, Marc Leemans aan. De man sloeg meteen en duidelijk een andere stijl aan dan zijn voorgangers. En ja, ook vandaag is een vakbond nog nodig en nuttig. Maar ik krijg er telkens de weubbe van als één of andere vrijgestelde, bijna triomfalistisch, komt aankondigen dat de luchtverkeersleiders -één van de dikst betaalde groepen-komt aankondigen dat ze weer eens duizenden vakantiegangers zullen gijzelen met een staking of andere actie. Idem voor de (haven)loodsen

https://www.standaard.be/cnt/dmf20160303_02162170

Eerlijk gezegd, ik zou vandaag mijn draai in het ACV, niet meer vinden. Persoonlijk meen ik dat het ACV te veel naar (extreem) links is opgeschoven.

 

Terwijl ze nog steeds leden uitsuiten die op een lijst van het VB hebben gestaan -of een actieve functie in die partij vervullen-hebben ze extreem-links te veel omarmd. In 2014 waren er zelfs enkele notoire, al dan niet ex-vrijgestelden, die een oproep ondertekenden om voor PVDA te stemmen.En ook dit jaar waren meerdere ex-vrijgestelden en ACV militanten kandidaat op een PVDA-lijst. Nochtans is de PVDA de rechtstreekse erfgenaam van het erg communistische en extreme AMADA.

 

Wat ACV -overigens helemaal terecht- altijd heeft gedaan ten aanzien van extreem-rechts (VB) -leden uitsluiten-  dat hadden ze op dezelfde wijze moeten doen met extreem-links (nu PVDA) Daar heb ik trouwens, lang voor mijn brugpensioen, ook altijd voor gepleit !

Voor alle duidelijkheid en vooral voor hen die zullen zeggen dat Dré Wolput (te veel) naar rechts is opgeschoven : ik verkondig nu géén andere standpunten of stellingnames dan wat ik ook al deed tijdens mijn actieve ACV-loopbaan !!

 

Wat mij veel verdriet doet

1) zoals al eerder aangehaald de casinopolitiek van het ACW inzake Arco
2) de sluiting van café Den Bond in 2015. Tot dan hèt symbool van het sterke Christelijke middenveld in Turnhout en ook daar buiten. Toen ik in 2007 voorzitter werd van ACW Turnhout, was CM nog bereid om een nieuwe café + vergaderaccomodatie te bouwen op voorwaarde dat zij het recht van opstal zouden verkrijgen van het stedelijk ACW. Enkele ‘oud-gedienden’ zijn toen gaan dwarsliggen…en nu is er dus…niets meer

En bloggen ?

Toen ik nog actief in dienst was, schreef ik al opinies voor de Gazet Van Turnhout. In 2015 ben ik dan overgestapt naar een eigen blogsite. En met succes overigens. Ooit nam ik me voor om ermee te stoppen als ik op pensioen zou gaan. Maar ik weet zeker dat ik die deadline zal laten voorbij gaan.
Alles wat ik doe doe ik graag. Zoals bloggen. Maar ook mijn wekelijks vrijwilligerswerk voor de vzw Mekanders (vroeger de Leeuwerick) Op dinsdag ga ik soep koken in het ontmoetingscentrum De Frisse. En dat doe ik al zes jaar en nog steeds met veel plezier. Ik kijk er elke week naar uit.
De meeste van mijn blogs onderbouw ik met concrete en vooral correcte cijfers. Dat vraagt dan wel een beetje opzoekwerk. Maar de dag dat ik -behalve dat opzoekwerk- langer dan vijf minuten nodig heb om een blog te schrijven…dan pas zal ik ermee stoppen.

Voorlopig zullen mijn talrijke lezers het moeten blijven doen met mijn non-conformistische stijl…klinkt het niet, dan botst het maar.

Standaard

8 gedachtes over “Mijn syndicaal testament

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s