
Het moet kunnen, zo te midden van de zomervakantie aandacht besteden aan het onderwijs in onze stad Turnhout. In deze blog heel wat markante cijfers en gegevens, voor wie er interesse in heeft…
*Met 1.999 in het kleuteronderwijs; 3.380 in het lager onderwijs en 3.546 in het secundair zijn er in Turnhout 8.925 schoolgangers. Maar bekeken naar vestigingsplaats, werden er in 2025 wel 13.767 leerlingen geteld. Het verschil zit voornamelijk in het secundair onderwijs, waar 8.358 leerlingen school lopen in de stad.
Stadsregionaal komen 811 lln in het secundair onderwijs uit Oud-Turnhout; 733 uit Vosselaar; 628 uit Beerse; 313 uit Kasterlee en 286 uit Lille. Maar ook Ravels = 511; Arendonk = 350; Merksplas = 267 en Retie met 169 komen in de top tien terecht, naast Turnhout zelf met 3.078.
Onderwijsvorm
Met amper 3 op 10 leerlingen (30,2%) Turnhoutse leerlingen die ASO volgen, doet enkel Genk (28,3%) het nog minder goed in het lijstje van de 13 Vlaamse centrumsteden. In de regio doen Herentals met 24,3% en Mol met 29,5% het ook niet goed wat het ASO betreft. De verhoudingen in het BSO, zijn het minst gunstig in Genk (34%) Antwerpen (32,6) en Sint-Niklaas en Turnhout, beiden met 31,3%. De cijfers BSO in Beerse = 22,3%; Kasterlee = 24,9%; Lille = 23,5%; Oud-Turnhout = 15,9% en Vosselaar = 21,7%
Thuistaal en O.K.I.

In het Turnhoutse basisonderwijs (kleuters en lager onderwijs) is voor 35,7% de thuistaal niet het Nederlands. Daarmee situeert Turnhout zich op de 6e plaats in de 13 Vlaamse centrumsteden. De O.K.I (onderwijskansarmoede-indicator **) met 1,72 zet Turnhout, na Antwerpen (2,11) en Oostende (1,99) op de derde plaats. Met 32,5(% lln in het secundair onderwijs, waar Nederlands niet de thuistaal is, staat onze stad op de 5e plaats bij de Vlaamse centrumsteden. Met een OKI in het secundair van 1,71 laat Turnhout Antwerpen (2,22) Gent (1,79) en Oostende met 1,84 voorgaan. De O.K.I cijfers uit de stadsregio, basisonderwijs en secundair zijn als volgt : Beerse : 0,7 – 0,66; Kasterlee = 0,62 – 0,63; Lille = 0,5 – 0,49; Oud-Turnhout = 0,55 – 0,54 en Vosselaar = 0,46 – 0,47. En in de steden met een regionale functie : Hoogstraten = 0,78 – 0,71; Herentals = 1 – 1,02; Geel = 0,74 – 0,73; en Mol = 1,02 – 1,11
Onderwijsniveau van de bevolking
Door verschillende administratieve diplomadatabanken samen te brengen, maakt Statbel een inschatting van het onderwijsniveau van de bevolking van 15 jaar en ouder.
Stad Turnhout telt slechts 23,9% hooggeschoolden, cijfer waarmee ze enkel Genk = 20,5% en Oostende = 23%, achter zich laten in de 13 centrumsteden. Stadsregionaal en breder zijn de cijfers als volgt : Beerse= 25,5%; Kasterlee = 28,8%; Lille = 26,2%; Oud-Turnhout = 27,7%; Vosselaar = 30,6% Hoogstraten = 22,8%; Herentals = 26,8% ; Geel = 30,1% en Mol = 29,2%
Van kwaad naar erger
Met herexamens of een jaar overdoen zal Turnhout de onderwijsproblematieken niet kunnen oplossen. Integendeel, want in het schooljaar 22/23 was de OKI in het basisonderwijs nog maar 1,53 en een jaar later al opgelopen tot 1,59 om dus in het schooljaar 24/25 af te klokken op 1,72. In het secundair onderwijs noteren we een OKI van 1,54 in het schooljaar 22/23 en een jaar later is dat 1,57 om in het schooljaar 24/25 al op te lopen tot 1.71
Deze oplopende onderwijskansarmoede is deels ook een gevolg van het aantal leerlingen waar de thuistaal niet het Nederlands is. Dat was voor 32,2% van de leerlingen in het basisonderwijs, in het schooljaar 22/23 en 29,1% in het secundair onderwijs. Een jaar later betreft het 33,3% in het basisonderwijs en 31% in het secundair. Schooljaar 24/25 = 35,7% in het basisonderwijs en 32,5% in het secundair !
Bron https://provincies.incijfers.be/mosaic/dashboard en dataloep onderwijs
**Welke zijn de kansarmoede-indicatoren ?
- Laagopgeleide moeder. Een leerling scoort op deze indicator wanneer de moeder geen diploma of getuigschrift van het hoger secundair onderwijs heeft behaald.
- Schooltoelage / schooltoeslag. Tot en met het schooljaar 2018‑2019 scoorde een leerling op deze indicator wanneer hij of zij in aanmerking kwam voor een schooltoelage én deze ook effectief had aangevraagd. Een leerling bleef op deze indicator scoren wanneer het recht op een schooltoelage verloren ging als gevolg van te veel ongewettigde afwezigheden. Vanaf het schooljaar 2019‑2020 wordt de schooltoeslag automatisch toegekend als onderdeel van het groeipakket. Een aanvraag is niet langer nodig en de inkomensgrenzen werden verruimd. Hierdoor stijgt het aantal leerlingen met een schooltoeslag aanzienlijk tussen 2018‑2019 en 2019‑2020.
- Andere thuistaal. Een leerling scoort op deze indicator wanneer de taal die thuis wordt gesproken niet de onderwijstaal is. Concreet betekent dit dat de leerling thuis met niemand, of in een gezin met drie gezinsleden met maximaal één gezinslid, de onderwijstaal spreekt. Broers en zussen worden hierbij steeds als één gezinslid beschouwd.
- Wonen in een buurt met veel schoolse vertraging. Leerlingen worden ingedeeld op basis van de buurt waarin zij wonen. Met deze indicator wordt beoogd om 25% van de leerlingen extra financiering toe te kennen, namelijk de leerlingen die wonen in buurten met het hoogste aandeel schoolse vertraging. Dit aandeel wordt berekend op basis van het percentage 15‑jarigen van de afgelopen zes jaar dat minstens twee jaar schoolse vertraging heeft opgelopen. Leerlingen uit de trekkende bevolking en thuisloze leerlingen scoren altijd op deze indicator.





























