Geen categorie

Hoera voor Turnhout ?

Hoera ! Of toch niet ?!

Turnhout kan, dank zij een zuinig beleid en een kassier als schepen Sis Stijnen, die goed op de centen let, meer investeren. Hoera driewerf hoera ? Ik maak het me voor één keer gemakkelijk en ga voor mijn blog te rade bij Ere-Burgemeester Marcel Hendrickx. Hij schreef, enkele dagen geleden op zijn facebookpagina een aantal beschouwingen. Veel van wat hij schrijft zijn bekommernissen die ik ook deel. Zij het dat de taal van een doorwinterde politicus als Marcel, veel diplomatischer klinkt dan mijn schrijfstijl.
Een voorbeeld daarvan : Marcel Hendrickx schrijft : hoe meer diensten men aanbiedt, hoe groter de aanzuigkracht wordt. M.a.w., er moet opgelet worden dat niet nog meer zwakkeren en kansarmen naar Turnhout zullen komen. Bij mij zou dat zijn : zo lang we armoede importeren, is het dweilen  met de kraan open.
Verder zou ik ook een bijkomende conclusie verbinden aan de verhoging van het investeringsbudget. De groep inwoners die via personenbelasting en onroerende voorheffing (kadastraal inkomen) een tastbare inbreng doen in stad’s financiën krimpt zienderogen.

Waarom hun inbreng niet compenseren met een vermindering van de personenbelasting ?? Een halve procent minder ‘kost’ aan de stadskas zo’n 700.000 euro/jaar…

Dré Wolput

Afbeeldingsresultaat voor fotos marcel Hendrickx

Turnhout investeert in zwakkeren en kansarmen
Zopas gelezen in de krant dat Turnhout zijn investeringsbudget voor de duur van deze legislatuur gaat verhogen met 26 miljoen, zodat het totaal in het meerjarenplan op 90 miljoen komt. Anderzijds vermeldt zelfde persartikel dat er grote inspanningen zullen gebeuren naar zwakkeren en kansarmen in de samenleving, wat een verhoging in de gewone begroting veronderstelt. Op vlak van investeringen koos het stadsbestuur voor een vervroegde realisatie van de verhuis van de bibliotheek.

Er wordt bovendien vermeld dat de leninglast van de stad niet verhoogd, zelfs is afgebouwd. Knap, moet gezegd worden, want ook voor lokale besturen heeft de crisis diepe bressen geslagen. Na het geklungel in de aanvangsjaren van deze legislatuur komt dit allemaal positief over.

Met de informatie, die in de pers te lezen stond, moet ik concluderen dat vooral aandacht besteed wordt aan de zwakkeren en kansarmen. Ik wil dat toejuichen. Turnhout, met alle lasten van een centrumstad, maar met veel te weinig inwoners om die lasten te dragen, scoort (?!) in de materie van kansarmen in de stad zeer hoge cijfers; 3,6% van de actieve bevolking heeft een leefloon, 62 % van de kinderen wordt vandaag in een arm gezin geboren. Het zijn cijfers om van te huiveren, een enorm probleem dat vooral in de toekomst dreigt zeer zwaar te drukken op de bevolkingssamenstelling van de stad, maar ook op het beeld van de stad en de uitstraling ervan. Ja, ook op de leefbaarheid voor hen in Turnhout die het geluk hebben niet tot de groep der zwakkeren te behoren.

Dat het huidig bestuur inzet op deze problematiek siert hen.
Het is begrijpelijk dat een krantenartikel niet alle gegevens kan weergeven, wat met zich brengt dat het niet zo makkelijk is om het volledige plan tegen het licht te houden. Wat mij wel afschrikt, is dat ik lees dat er nogal wat personeel zal aangeworven worden voor de begeleiding van deze zwakkere groepen. De al zeer zware personeelslast waaronder Turnhout gebukt gaat, zal daardoor nog aangedikt worden. Wees er zeker van, nieuwe diensten die gecreëerd worden vergen na verloop van tijd meer werkingskosten en vaak ook nog eens bijkomend personeel ter ondersteuning, wat bij de start vaak niet ingecalculeerd wordt.

Het kan niet dat de bijkomende financiële ruimte, die er niet alleen kwam door het beleid, maar ook door de zware fiscale inspanningen die de Turnhoutse burger al jarenlang torst, voor het grootste gedeelte opgaan in personeelskosten.

Niemand zal de noodzaak van bijkomende ondersteunende maatregelen voor de zwakkeren in twijfel trekken, alhoewel evenmin uit het oog mag verloren worden dat hoe meer diensten men aanbiedt, hoe groter de aanzuigkracht wordt. M.a.w., er moet opgelet worden dat niet nog meer zwakkeren en kansarmen naar Turnhout zullen komen precies omwille van de betere dienstverlening en begeleiding. Want laat ons de realiteit niet uit het oog verliezen: de voorbije 20 jaar hebben stad en OCMW in Turnhout steeds zware inspanningen in deze beleidssector geleverd, zeker meer dan elders in de regio. Nochtans zijn de cijfers er altijd op verslechterd.

Ongetwijfeld zullen in de alsmaar groter wordende groep in moeilijkheden ook autochtone Turnhoutenaars zitten, maar ik vermoed dat het merendeel inwijkelingen zijn die elders niet dezelfde begeleiding kregen.

En nog dit: bij de laatste stadsmonitor (een vergelijkend beeld van de centrumsteden in Vlaanderen) bleek dat een niet onbelangrijk deel van de Turnhoutse burger niet meer fier was op zijn stad, zo erg dat een aantal aan verhuizen dacht. Er komen gelukkig binnenkort wel een aantal dingen aan die dat gevoel kunnen verbeteren. Ik denk aan het zwembad dat terug zal openen, aan de academies in Turnova en de nu vervroegde verhuis van de bibliotheek.

Maar het dagelijkse beeld van de stad moet dynamischer, levendiger, gevuld met kwalitatieve evenementen, en dat lees ik nergens. Stadspromotie blijkt een vergeten begrip.

Nogmaals, het is lovenswaardig dat er gefocust wordt op de verbetering van de levensstandaard van een groep die intussen angstaanjagend groeit. Maar een gezonde mix van zulke ondersteunende maatregelen moet samengaan met inspanningen om investeerders en jonge tweeverdieners aan te trekken; Al was het maar om de engagementen die men nu bijkomend neemt, te kunnen blijven betalen. Want vergeet vooral niet, “op een kerkhof investeert niemand”, in een doods aandoende stad evenmin.
Misschien toch ook een doordenkertje: indien de cijfers van de huidige aantallen zwakkeren en kinderen die kansarm geboren worden in Turnhout nu eens niet met 42.000 inwoners moesten vergeleken worden, maar met 85.000 inwoners, zou Turnhout dan ook zo slecht scoren op dat vlak?
Marcel Hendrickx.

Standaard